LOGIN
Hoofdsponsors: Lazywave Duikmagazine

Duikweek in het paradijs

Anton van de Merwe

Egypte | 10-12-2008 | 269x gelezen

Normaal duiken wij het jaar rond, twee keer per week in het Oostvoornse of in de Zeeuwse stromen. Maar sinds 2004 gaan we twee keer per jaar een weekje duiken in de Rode zee, meestal in Sharm maar ook Hurghada of Marsa Alam zijn verkend en hebben een liveaboard gedaan. Er is een vaste groep waar andere duikers bij aansluiten om dit warme water te verkennen. Het verslag wat volgt is mijn tiende maar voor mij de meest indrukwekkende.

Na een goede vlucht uit Amsterdam fladderen we de luchthaven van Sharm el Sheikh binnen, beschikken snel over onze bagage en vertrekken naar ons hotel. Hier kuieren we gelijk door naar de lunch en komen onze privé ober Ibrahiem weer tegen die ons de hele week in de watten zal leggen.

Op zondag gaan we voor de eerste duik naar Ras Bob waar de juiste hoeveelheid lood kan worden uitgetrimd en gaan op weg voor een rondje langs het rif. We zijn met zijn drieën, Ger mijn duikmaat voor koud water en Ellen mijn lieve buddy voor warmere omstandigheden. We volgen de groep en dalen naar 33 meter wat nogal diep is voor een eerste duik maar na een halfuur komen we er achter bij de verkeerde club te zitten.

Na de lunch en een middagdut gaan we voor anker bij Ras Nasrani voor een driftduik, maar pas nadat we onze begeleider plechtig hebben beloofd bij hem te blijven. We zweven langs koraaltuinen en genieten tot we plotseling een Merlijn (zwaardvis) tegen komen die hier zelden te zien zijn. Een pracht ontmoeting.

Op maandag verkennen we de baai van Marsa Bareika waar een walvishaai gespot zou zijn maar vinden hem niet.

Bij de Tiran eilenden staat veel wind met hoge golven waar we ankeren in de luwte van het Jackson rif. Maar als meer boten hetzelfde doen dan wordt het onder water drukker dan in de koopgoot van Rotterdam. Dit is wel een mooie stek maar veel te veel duikers. Dit rif heeft voor mij de geur van avontuur. Twee jaar geleden doken we hier ook en was met mijn buddy wat afgedreven van de groep en kwamen aan het eind van de duik 50 meter verderop boven. We zagen de rest inmiddels aan boord klimmen en wij lagen op ons rug tegen de stroom in te zwemmen, om niet nog verder af te drijven.
Het duurde lang voor de boot bij ons kwam, toen we omkeken waar die bleef zagen we hem tot onze schrik aan de horizon verdwijnen. Wij waren de laatste boot en ik kan u vertellen hoe het voelt om op zee achter te blijven. Een misselijk makend gevoel kruipt mijn maag binnen en er begint zich een overlevingsplan te ontwikkelen. We wegen onze kansen af, naar de kust zwemmen is geen optie, te ver, veel stroom en over een uur is het donker. De enige oplossing is op het rif klimmen en zien te overleven in een shorty en een lege fles. Als we naar het rif toe zwemmen, zien we aan de horizon onze boot weer te voorschijn komen, kennelijk misten ze twee bejaarde duikers. Als ze bij ons zijn worden we met de meest nonchalante blik op het achterdek getrokken en zijn zelden zo blij geweest om de ondergaande zon van af het bovendek te bekijken.

Voor de tweede duik gaan we nu naar hetzelfde rif terug voor een stroomduik, het plan is dat we op de kop van het eiland door de boot worden opgeplukt, omdat de stroom daar minder hard zou zijn. We zweven langs een steile rifwand en zien jagende tonijnen maar kunnen niet stil blijven hangen omdat de stroom steeds heviger wordt. Er is blijkbaar een inschattingsfout gemaakt want onze begeleider besluit om te keren. Er is niet tegenin te zwemmen, ik heb best sterke poten maar op volle kracht blijf ik op de zelfde plek liggen. We kruipen allemaal tegen het rif aan en ploeteren in de luwte van het rif terug. Een deel van de groep raakt uitgeput en in paniek en worden door de andere duikers op sleeptouw genomen. In de eerste plaats heb ik de zorg voor mijn buddy die op haar buurt weer een uitgeput meisje vast heeft en aan mijn fles hangen er nog twee. Onze begeleider wil iedereen in groepjes naar de boot brengen en gebaart ons hier te blijven. Het grootste probleem is dat de meeste door hun luchtvoorraad heen zijn en kunnen hier niet blijven. Wij besluiten naar boven te gaan en de groep volgt.
Hier zijn de problemen nog niet ten einde omdat de schipper zit te slapen en na veel gefluit en geschreeuw komt die onze kant op. Als laatste volgt er nog een worstel partij om de trap op te komen, die door de deining een paar meter op en neer gaat. Mijn ervaring is dat je door een kleine inschattingsfout in grote problemen kan komen. Het Jackson rif blijft het avontuurlijkste.

Vandaag vroeg uit de veren omdat we naar het wrak van de Thistlegorm gaan, worden om half vijf opgehaald en tuffen even later de haven uit. Voor deze bijzondere duik hebben we Richel een cameravrouw berijd gevonden deze missie op film vast te leggen. We slapen op het achterdek tot de zon op is, doen een ontbijt aan boord en na vier uur varen zijn we er. Dalen langs de ankerlijn de diepte in en ontwaren een indrukwekkend wrak onder ons wat rechtop op de bodem rust. Het schip was in 1941 onderweg om het Engelse leger te bevoorraden maar werd door een Duitse jager tot zinken gebracht.
Als we bij het wrak zijn maken we een rondje langs het achterdek waar afweergeschut staat en bekijken de schroef. Op het dek staan treinwagons gestald en twee locomotieven liggen er naast op de bodem. We zwemmen door het gangboord aan stuurboord naar de brug en over het dek naar de boeg om vandaar terug te gaan naar de ankerlijn.Tijdens het opstijgen is het een machtig gezicht om boven het wrak een school vleermuisvissen stil te zien hangen in de stroom.

Na een uur oppervlakte tijd volgt de tweede duik en zullen nu de binnenkant van het schip bekijken. Als we zijn afgedaald gaan onze lampen aan en via een gat achter de brug het schip binnen. Bij een ladingluik dalen we af in het binnenste van het schip waar we door duistere ruimen zweven.
De lading bestond uit kisten vol geweren, granaten, BSA motorfietsen, vliegtuigonderdelen, geschut en vrachtwagens met hier en daar een laars als stille getuigen. Meisjes kijken kennelijk naar andere dingen dan jongens want Ellen wijst mij op mooie koralen en vissen en ik wijs haar al het oorlogstuig. We gaan door luikgaten naar andere ruimen, zwemmen tussen de lading van en het schip door en aan het eind komen we bij een luik waar we het verlaten. Als we langs de ankerlijn omhoog gaan hebben we door de korte oppervlaktetijd een deco van 8 minuten. Het was een indrukwekkende duik waar Richel een mooie film van heeft gemaakt.

Onderweg naar de haven stoppen we nog even voor een duikje bij het Shark en Yolanda rif. Waar ook onze cameravrouw weer meegaat en gelukkig maar want als we onder gaan ligt er een walvishaai op ons te wachten. We kunnen hem gewoon tot op een paar meter benaderen en mee zwemmen terwijl die zijn voedsel (krill) naar binnen werkt. Hij kijkt ons met grote ogen nieuwsgierig aan. Zwemt drie keer langs ons heen en als die omkeert zie je pas goed zijn indrukwekkende afmeting. Hij komt nog een keer recht op mij af en verwacht dat die uit zal wijken, maar daar denkt hij anders over, ik ga wat opzij als een machtige reus mij passeert waarvan ik de beelden diep in mijn geheugen grif. We zijn allemaal diep onder de indruk van zoveel schoonheid en gratie en kunnen deze duik bovenaan ons lijstje van de mooiste top tien zetten. Deze duikdag was werkelijk geweldig waar we nog lang van kunnen genieten. Ik moet niet vergeten de gegevens met foto’s door te sturen naar het Ecocean Whaleshark Library. Waar vandaan men deze bedreigde diersoort volgt over de wereld.

Op zaterdag zit het erop en vliegen via Cairo terug naar huis. Waar het koud, nat en grijs is. We zijn weer terug in de waan van alle dag, maar kunnen deze winter nog even dromen van een geweldige week in ons paradijs.